Het mag heel klein zijn, bij cultuureducatie voor EMB/OZG leerlingen

Door

Willem Claassen

Verslag Inspiratiebijeenkomst Cultuureducatie voor EMB/OZG leerlingen 2021

Veel leerkrachten vinden het een grote uitdaging om vanuit kunst en cultuur met EMB/OZG (Ernstig Meervoudige Beperking/Onderwijs Zorg Groep) leerlingen te werken. Daarom organiseert Cultuur Oost jaarlijks een inspiratiebijeenkomst voor leerkrachten en cultuurprofessionals die werken voor of met het Speciaal Onderwijs.

Inspiratiebijeenkomst Cultuureducatie voor EMB/OZG leerlingen

Opening van de inspiratiebijeenkomst door Marian Meeuwsen

Vorig jaar ging het vanwege corona niet door, dit jaar gelukkig wel. Op 14 oktober 2021 zorgden de medewerkers van Cultuur Oost en muzikante Danielle Roelofsen op dwarsfluit en lier voor een sfeervol ontvangst in het Postillion Hotel in Arnhem. Vervolgens gingen de deelnemers de diepte in met workshops en presentaties. Een verslag van deze dag.

Circustheater Stoffel

‘Alle artiesten in de piste!’, roept Stefke de Wit. Hij is artistiek leider van circustheater Stoffel, een zorgaanbieder die onder meer werkt met kinderen uit het speciaal onderwijs. De workshopdeelnemers gaan op het rood-gele circuszeil staan. Om erin te komen, krijgen ze stokken met kwastjes uitgereikt. De stok laten ze over hun armen rollen. Vervolgens worden er duo’s gemaakt. De twee deelnemers houden elkaars handen vast en laten een stok over de armen van beide personen rollen.

‘Wij gaan voor een succeservaring’, legt Stefke uit. ‘Bij circustheater werkt dat heel goed. Je leert snel en je kunt snel al iets, zonder dat er sprake is van prestatiedrang of competitie.’
Bij EMB-leerlingen is het fijn om contact te maken via het materiaal en de opdracht. Stefke: ‘Je kunt op een veilige afstand iets voordoen wat ze na kunnen doen. Daarna kun je samen iets doen, zoals het overgooien van een balletje. De afstand maakt het minder eng. Ook bij een balanceeract is het makkelijk om contact te maken. De opdracht is spannend, dus dan is het niet erg als iemand je vasthoudt.’

Inspiratiebijeenkomst Cultuureducatie voor EMB/OZG leerlingen

Danielle Roelofsen

De deelnemers kiezen een attribuut en bedenken een oefening voor EMB-leerlingen. Stefke geeft instructies hoe ze het materiaal het beste kunnen gebruiken. Er wordt gespeeld met diablo’s, kegels en borden.
Volgens Stefke heeft circustheater het voordeel dat het toetsbaar is. ‘Eerst kan iets niet en dan kan het wel.’ Daarbij is de manier van werken heel belangrijk. ‘Er moet een intrinsieke behoefte zijn om contact te maken van mens tot mens. Het is geen EMB’er, het is een mens, die basisgedachte is belangrijk. En steeds maar weer proberen. Ik vind het ook doodeng als iemand niets teruggeeft, maar dan moet je slikken en het weer aan gaan.’
Enkele deelnemers hebben moeite met het woord ‘succeservaring’. ‘Is het niet al goed als een leerling zichtbaar geraakt is door iets?’, vraagt iemand.

Stefke blijft daar liever van weg. ‘Kunst om de kunst is niet ons ding. Je wilt iets bereiken. We zien ons als motivator en we kijken steeds naar het doel.’ Als voorbeeld noemt hij een meisje in een rolstoel dat ging koorddansen op een omgekeerde bank. ‘Dat meisje had nooit gedacht dat ze dat kon, maar ze ervaarde dat het wel kon.’
De laatste opdracht is een ‘mission impossible’. De deelnemers moeten een succeservaring bedenken voor een jongen die niet kan bewegen. Kleine groepjes experimenteren met een attribuut. Vervolgens toont ieder groepje het resultaat, waarbij steeds iemand de leerling speelt. Zo maakt een deelnemer contact met de leerling door een geel doekje in zijn verkrampte vuist te proppen en die er dan als een goocheltruc weer uit te trekken.
Tot slot nog een tip: ‘Zie je zelf niet als falend figuur, want dan gaat het nooit werken. Het kan niet mislukken, een experiment slaag altijd. Als het niet werkt, weet je dat en zoek je iets anders.’

Inspiratiebijeenkomst Cultuureducatie voor EMB/OZG leerlingen

Circustheater Stoffel

Spelende leerkracht Evelien Pullens

In de workshop van Evelien Pullens komt bij het voorstelrondje de spelende leerkracht meteen aan bod. ‘Marloes’, stelt een van de deelnemers zich voor. ‘Wat?’, vragen de andere deelnemers op theatrale wijze aan haar. ‘Marloes.’ ‘Oooh, Marloes!’, zegt de groep. Ze herhalen het voorstelrondje, nu met een handgebaar eraan toegevoegd. ‘Jullie doelgroep houdt van herhalen’, legt Evelien uit. ‘En het is belangrijk om de tijd te nemen, om het te laten zakken. Dan komt het aan.’
Bij het spel van Evelien, die zowel met kinderen als met dementerende ouderen werkt, staat intuïtie centraal. ‘Belangrijk is het afstemmen: hoe groot of klein moet ik zijn om contact te maken.’

Er volgen oefeningen waarbij de deelnemers naar elkaar toelopen en zonder te praten aftasten hoe dicht ze bij elkaar kunnen komen. Een van de deelnemers vindt de stilte ongemakkelijk, maar Evelien laat juist graag stiltes vallen. ‘Ik gebruik die stiltes om mijn publiek de kans te geven te reageren.’

Ze doet een korte act met een politiepet. Eerst staat ze rustig met de pet in de hand. ‘Zal ik hem opzetten?’, vraagt ze. De deelnemers vinden het goed. ‘Hoe moet ik kijken als ik de pet opzet?’ De deelnemers willen dat ze mooi kijkt en dat ze met een lage stem praat, als een politieagent. ‘Ik vraag dus steeds om toestemming’, legt Evelien uit. ‘Ik ben zowel speler als leerkracht. Het is een heel simpele manier van spelen. Ik hoef alleen van jullie te horen wat jullie willen. Het gaat in kleine stapjes.’
De deelnemers gaan zelf aan het werk, waarbij ze kunnen kiezen uit een knuffel, een pet of een doek. Daarna volgen enkele acts. Zo zet een van de deelnemers een poezenknuffel op een hoge stoel. De poes wil van de stoel af, maar is bang. De deelnemer geeft op aanraden van de andere deelnemers de poes een hand, zodat ze eraf kan.

‘Soms ben je een beetje klaar met de act’, zegt Evelien. ‘Je zit dan in een dip en dat is niet erg. Op een gegeven moment kun je weer verder. Een groot deel van het creatieve proces bestaat uit die dip. Ook het contact kan er even niet zijn. Dat mag bestaan, daaruit komt weer iets voort. Het publiek vindt dat geen probleem.’
De stiltes laten vallen, vinden sommige deelnemers lastig, maar ze zien dat het werkt. ‘Het geeft ruimte aan het publiek om het probleem in het verhaal op te lossen’, zegt een deelnemer.
Evelien: ‘Je doet het echt samen met het publiek. Je accepteert dat in het vertrouwen dat je in elkaar hebt iets nieuws kan ontstaan.’

Inspiratiebijeenkomst Cultuureducatie voor EMB/OZG leerlingen

Actie! Van passief ondergaan naar actief beleven

In het plenaire gedeelte vertelt Talitha van de Stolpe over haar onderzoek naar het aanbieden van dans en theater aan leerlingen met EMB. Talitha deed onderzoek op De Wegwijzer in Ede en kreeg daar de vraag om een leerlijn te ontwikkelen. Daar zei ze ‘ja’ op, maar in eerste instantie schrok ze, want ze had een ander beeld bij EMB. ‘Ik dacht dat het op peuterniveau was, maar het ligt veel lager. Ik zag niet meteen verbeeldingskracht bij de kinderen en zag ook niet hoe theater en dans kon bijdragen aan hun ontwikkeling.’

Maar ze ging het proberen. Aan de hand van het al bestaande thema ‘Dag en Nacht’ bedacht ze lessen waarin het onder meer draaide om geluid en licht. De leerlingen kregen rammelbelletjes, omdat de dag altijd vol geluid is. Ook kregen ze kleine lampjes waarmee ze konden spelen, passend bij de nacht.
De lessen leerden haar welke randvoorwaarden nodig zijn. ‘Je moet een plan goed afstemmen met leerkrachten, ze moeten mee willen doen. Verder is het van belang om tijd en rust te nemen. Herhaling in de les is goed. En baken de les af, ik startte en eindigde met een doek waar ze dan onder zaten.’

Talitha merkte dat een groepsactiviteit mogelijk is bij EMB-leerlingen. ‘Maar je begint individueel. Bijvoorbeeld dat met die rammelbelletjes, dat is individueel. Maar dan horen ze de ander en dan krijg je een beetje interactie.’
Kan een les betekenisvol zijn, vroeg ze zich van tevoren af. ‘Met een thema, zoals ‘Dag en Nacht’, heb je een verhaal. Daarmee wordt het betekenisvol voor de leerkracht. Zij kunnen het uitleggen aan andere leerkrachten. In de eerste plaats is het betekenisvol voor leerkrachten.’

Talitha gebruikte in haar lessen altijd materialen. Daarvoor ging ze steeds terug naar de basis. Ze nam de tijd om bij zichzelf te bedenken: wat past bij ‘Dag’? ‘Maak een woordweb en bedenk welke zintuigen je kunt gebruiken.’ Door de lessen ontdekte ze dat leerlingen wel degelijk een creatief proces in gaan. Ze hebben verbeeldingskracht en ze kunnen evalueren. ‘Ik zag een meisje dat mijn oefening nadeed met een knuffel in een snoezelkamer.’

Inspiratiebijeenkomst Cultuureducatie voor EMB/OZG leerlingen

Talltha van de Stolpe

Intermezzo Evelien Pullens

In een kort intermezzo staat Evelien Pullens met een koffer voor het publiek. Ze laat de deelnemers eerst voelen aan zachte materialen en daarna opent ze de koffer. Er zit een vos in met de naam Fnitzel, een handpop die kan praten en die zijn staart kwijt is. Het publiek mag meehelpen welke van de verschillende staarten bij Fnitzel hoort. Tussendoor vertelt Evelien dat de reacties van kinderen op zo’n act heel divers zijn. ‘Het ene kind wil de vos knuffelen, het andere wil de verschillende staarten proberen.’

De act gaat over plezier, angst overwinnen en grenzen aangeven. ‘Je kunt dit op verschillende niveaus uitvoeren. Bijvoorbeeld niet met de staart zoeken, maar met voelen en contact maken.’ Het levert veel op, legt Evelien uit. ‘Er komen vaak onverwachte reacties. Een keer begon een kind te praten dat nooit praatte.’

Inspiratiebijeenkomst Cultuureducatie voor EMB/OZG leerlingen

Evelien Pullens

De Onderwijsspecialisten

In de presentatie van De Onderwijsspecialisten, een instelling van 25 scholen in het speciaal onderwijs, komen de ervaringen en uitdagingen aan bod van kunst en cultuur bij EMB/OZG leerlingen. Volgens Nico Teunissen is er de afgelopen jaren steeds meer aandacht voor kunst en cultuur en dat is een grote stap in de goede richting. ‘Kunst en cultuur is dé ingang bij een EMB-leerling.’
Volgens zijn collega Marloes de Jong mag het nog structureler. ‘Wat in de les van een vakdocent aan bod komt, kan vaker gebruikt worden in andere lessen.’

Vakdocent Trijnie Anema ziet dat collega’s steeds meer van haar overnemen. ‘Ik bedenk altijd vanuit materiaal. Dan werk ik in een atelier. Collega’s komen steeds vaker afkijken hoe ik het doe. Ik gebruik bijvoorbeeld scheerschuim. Daarmee kan ik leerlingen prikkelen. Ik laat ze voelen aan materiaal. Zo leren ze de wereld kennen. De wereld wordt daardoor veiliger voor ze.’
Het verspreiden van de kennis en de ervaring vindt Trijnie van belang. ‘Het mooiste zou zijn als je geen vakdocenten meer nodig hebt. Dat de drempel lager wordt.’

Een deelnemer vraagt hoe je met zoveel externe mensen kunt werken en dit toch goed kunt ontsluiten.
‘We denken goed na wie we vragen’, vertelt Trijnie. ‘En we evalueren. Het is goed om mensen van buiten binnen te halen. Je moet ervoor oppassen dat de leerlingen alleen maar met dezelfde mensen omgaan. Soms gaat het mis, maar dat mag ook. Je wilt groeien en dan hoort dat erbij. Het is verfrissend om te werken met iemand die de doelgroep niet kent. De school kan zich nog veel meer openstellen.’

Inspiratiebijeenkomst Cultuureducatie voor EMB/OZG leerlingen

De Onderwijsspecialisten

De lachende zon

Met het namenliedje, waarbij enkele deelnemers worden toezongen, begint de workshop van Elco van Alphen. ‘Je krijgt voor dit lied niet de Annie MG Schmidt-prijs, maar het werkt wel’, zegt de artistiek directeur van De lachende zon, theater voor de zintuigen. Elco vertelt over zijn vroege ervaringen in de gehandicaptenzorg. ‘Dan kwamen 500 gehandicapten samen om te kijken naar een clown op een podium. Ze kregen er niets van mee.’
Hij richtte De lachende zon, theater van de zintuigen op. ‘We zijn alleen maar bezig met contact maken. En dat gaat op heel klein niveau. Onze laatste voorstelling, Spiegel, is heel strak geregisseerd zodat er juist ruimte ontstaat om te kijken hoe het publiek reageert en ook te kijken hoe dichtbij je bij het publiek kunt komen.’

Elco deelt geluidsboxjes uit en laat fragmenten uit de voorstelling horen. ‘Waar vinden jullie het prettigst om de muziek te voelen?’ De deelnemers houden een boxje tegen hun hoofd, hun hals, hun buik. ‘Op de wang vinden ze vaak lekker’, zegt Elco.
Een deelnemer vraagt of zo’n geluidsbox niet kapotgaat als ’ie valt. ‘Ik zie ze er al mee gooien.’ Maar volgens Elco gaan ze niet snel kapot. ‘Ik heb dat eerst getest. En je kunt ze afwassen. Bovendien zit er garantie op. Behalve als er bijtsporen op zitten, zo heb ik gemerkt, haha.’

Elco toont een filmpje van een meisje in een rolstoel waar Elco met drumstokken voor slaat. Het meisje dirigeert en heeft er veel plezier in. Dan is de jongen naast haar aan de beurt, maar hij reageert niet meteen op de drumstokken. ‘Dan moet je dus opnieuw beginnen en ontdekken, dat is de essentie van het vak.’
Elco speelt met een deelnemer een situatie na. Hij is een gehandicapte man die de telefoon van de deelnemer heeft afgepakt. In de eerste oefening pakt de deelnemer de telefoon en de gehandicapte man reageert gespannen. Een andere deelnemer schrijft op wat ze ziet bij Elco, zoals gebogen zitten, op eigen benen slaan en vuisten maken. In de tweede scene benadert de deelnemer de deelnemer rustig en met meer empathie. De gehandicapte man blijft vrolijk en slaat een arm om de deelnemer heen.

‘We kijken heel technisch naar een lijf. Mag ik dichtbij komen, dat is steeds de vraag. Het is kijken, maar ook aanvoelen, intuïtie en empathie. En soms moet je afstand nemen als het niet werkt.’

Elco deelt drumstokken uit. De deelnemers zoeken al automatisch iets waar ze op kunnen slaan, zoals de vloer en de stoelpoten. Dat is precies wat Elco voor ogen heeft. Met heel weinig kun je al muziek maken. Een voor een maken de deelnemers een dansje door de ruimte. De andere reageren er met hun drumstokken op. Het is duidelijk: zo ontstaat op eenvoudige wijze interactie.
Aan het einde van de workshop zijn er nog vragen over de voorstellingen van De lachende zon. Elco vertelt dat er maximaal 15 kinderen bij een voorstelling aanwezig kunnen zijn, maar dat ze wel meerdere voorstellingen op een dag houden. ‘Alle verhalen die we in een voorstelling stoppen, zijn afkomstig uit de zorg.’ De lachende zon verzorgt ook trainingen voor verzorgenden en teams.

De muziek van De lachende zon is op Spotify te vinden via ‘sense theater’ en ‘De lachende zon’.

Inspiratiebijeenkomst Cultuureducatie voor EMB/OZG leerlingen

De lachende zon

Samen musiceren met elektronische hulpmiddelen en muziekinstrumenten

De laatste workshop wordt gegeven door Ruud van der Wel, ademhalingstherapeut bij Rijndam Revalidatie. Hij vindt het belangrijk dat iedereen de kans heeft om een muziekinstrument te bespelen. ‘Het zit me dwars dat bijvoorbeeld EMB-kinderen geen mogelijkheden daartoe hebben.’
Al jaren zet Ruud zich in om hier verandering in te brengen. Tijdens de workshop, die via een beeldverbinding tot stand komt, toont hij allerlei instrumenten die hij in de loop der tijd heeft ontwikkeld. Ze zijn allemaal bedoeld voor mensen met een handicap. Soms gaat het om bestaande instrumenten die hij heeft aangepast, soms om geheel nieuwe instrumenten en soms om software. Een muziekinstrument heeft voor Ruud als ademhalingstherapeut een extra bijkomstigheid. ‘Met een muziekinstrument kan iemand zijn ademhalingsoefeningen langer volhouden.’

Hij laat diverse filmpjes zien, zoals van een vrouw die een aangepaste elektrische saxofoon bespeelt. Ze zit voor een spiegel zodat ze kan zien wat haar vingers doen. ‘Want daar heb ik geen gevoel in’, vertelt ze. In een ander filmpje gebruikt een meisje in een rolstoel Soundbeam. Dit is een instrument waarbij je via een solarstraal muziek maakt. Als het meisje haar hand beweegt is er muziek te horen. In weer een ander filmpje treedt een 3-jarige jongen met een spierziekte samen op met Candy Dulfer. Hij bespeelt de magic flute, een instrument dat Ruud ontwierp met zijn collega’s. Bij deze fluit bepaalt de stand van het hoofd de toonhoogte.

Ruud spreekt ook nog over GroovTube, een ademoefenapparaat waarmee je games en spelletjes kunt spelen, en over schakelaars waarmee muziek wordt gemaakt. ‘Met een schakelaar kun je iets aan en uit zetten. Het zit soms in de hoofdsteun van een rolstoel verwerkt of je kunt het koppelen aan het knipperen van de ogen.’
In een filmpje zien we Ruud pianospelen met zijn ogen.

Tot slot vertelt hij dat hij veel gratis toegankelijke software heeft gemaakt om op een laagdrempelige manier muziek te maken. Van belang is daarbij dat je computer niet verbonden is aan een netwerk, want dan kun je vaak geen muziekapps gebruiken. ‘Er is een netwerkdrempel. Je kunt het beste met een standalone computer werken.’

Een van de deelnemers aan de workshop is Stefke van circustheater Stoffel. Hij is enthousiast over het verhaal van Ruud en hij vertelt dat hij zelf Oddball gebruikt. ‘Dat is een bal die als je hem laat stuiteren geluid maakt.’
Een andere deelnemer vertelt dat ze leerlingen heeft die meteen gaan likken als ze iets in handen krijgen, maakt niet uit wat. Dat gaat van onder naar boven. ‘Het zou mooi zijn als daar een instrument voor komt. Zie het als een challenge, Ruud!’

De software van Ruud is, net als een aantal online workshops, te vinden op deze website. Voor particulieren is het mogelijk om de instrumenten te huren.

Inspiratiebijeenkomst Cultuureducatie voor EMB/OZG leerlingen

Uitwisseling

Aan het einde van de inspiratiebijeenkomst komen de deelnemers samen voor een hapje en een drankje, en om de dag na te bespreken. De belangrijkste les die veel deelnemers hebben opgepikt, is dat het heel klein mag zijn wat je doet. ‘Dat de lummeltijd ook waardevol is’, zegt iemand.
Er is veel enthousiasme over de workshopgevers die vol passie en liefde over hun specialisme hebben verteld. ‘Fijn om van al deze aanbieders wat te weten’, zegt de een. ‘Je wordt er helemaal in meegezogen’, zegt de ander. Iemand vindt het een ‘bevestiging dat we een supermooi vak hebben’. Weer een ander: ‘Ik kom erachter dat ik veel dingen al goed doe. Maar ik heb ook nieuwe ideeën opgedaan’. Circustheater is heel waardevol en er is veel meer mogelijk dan gedacht.  We moeten niet te hoog inzetten maar de doelgroep anders benaderen.
Voor een aantal deelnemers mag de bijeenkomst wat langer zijn. Nu moesten ze kiezen uit de vier workshops, graag zouden ze alles willen bijwonen.

Marian Meeuwsen krijgt tijdens de nabespreking applaus van de hele groep. Zij wordt speciaal bedankt, omdat ze zich de laatste 15 jaar volop heeft ingezet voor het speciaal onderwijs en deze bijeenkomst haar laatste grote project is. Zij gaat binnenkort met pensioen.

foto’s: Marcel Krijgsman

Inspiratiebijeenkomst Cultuureducatie voor EMB/OZG leerlingen

Uitwisseling

Topics

Onderwijs Scholing
Marian Meeuwsen

Contact

Marian Meeuwsen

Scholen in het speciaal onderwijs kunnen bij mij terecht als ze vragen hebben over het verankeren van cultuur in hun beleid.

Stel een vraag