Maatregelen na gevolgen covid-19 voor culturele infrastructuur

Uit onze inventarisatie van 22 april onder Gelderse gemeenten over de gevolgen van covid-19 voor de culturele infrastructuur, bleek dat gemeenten voortvarend maatregelen namen ter ondersteuning van de lokale culturele infrastructuur. Ook maakten gemeenten zich zorgen over de (midden)lange termijn gevolgen. Ze gaven bij de inventarisatie aan welke rol ze voor de provincie Gelderland zagen weggelegd in deze crises. In deze update lees je wat er daarna is gebeurd.

2 juni 2020

maatregelen covid

Versoepeling van de maatregelen

Per 11 mei zijn er versoepelingen in gang gezet voor bibliotheken en voor cultuurbeoefening voor kinderen tot en met 18 jaar. Onder voorwaarden mogen per 1 juni alle culturele instellingen vanaf 12:00 uur hun deuren weer openen. Alle cultuursectoren hebben hiervoor inmiddels protocollen ontwikkeld waarin de voorwaarden in acht worden genomen.

Maar de voorwaarden van het waarborgen van 1,5 meter afstand en het maximum aantal bezoekers of deelnemers vormen in veel gevallen slechts een klein deel van wat de culturele instellingen normaal gesproken kunnen ontvangen. Daardoor is openstelling verliesgevend en dus nog geen oplossing voor de moeilijke financiële situatie waarin veel instellingen en culturele initiatieven zitten.

Dan hebben we het nog niet eens over de vele festivals en andere (culturele) evenementen die tot 1 september verboden blijven en waarvan de periode daarna nog onzeker is. Hulp is geboden!

De rol van de provincie Gelderland

De provincie vult in deze crises gaandeweg haar rol in; op basis van de impactmonitor en in overleg met partners, waaronder de gemeenten en het Rijk. De provincie heeft voor de aanpak van de gevolgen van de covid-19 epidemie drie fasen gedefinieerd.

  1. Acute hulp bieden, tot aan de zomer.
  2. Overbruggen, gekoppeld aan de duur en uitwerking van de covid-19 contact beperkende maatregelen.
  3. Herstellen, gericht op de periode en verloop van de recessie.

Een kans voor gemeenten

Ten behoeve van fase 1: het bieden van acute hulp, heeft de provincie € 10 miljoen beschikbaar gesteld. Daarvan is € 5.9 miljoen voor de subsidieregeling: COVID-19 Steun gemeente ter ondersteuning van gemeenten bij het uitvoeren van hun maatregelen ter ondersteuning van de lokale (culturele) infrastructuur. De lumpsum subsidie bedraagt de som van het inwoneraantal op 29 februari 2020 vermenigvuldigd met een bedrag van € 2,83. Gemeenten in Gelderland kunnen hiervoor eenmaal een aanvragen doen.

Op 13 mei 2020 stond de teller op 11 gemeenten die hiervoor een subsidieaanvraag hebben ingediend of in voorbereiding hadden. Daar ligt dus nog een mogelijkheid voor veel gemeenten om de lokale culturele infrastructuur en initiatieven extra te ondersteunen met behulp van provinciale middelen.

Vooruitkijken

Ten behoeve van de invulling van de rol van de provincie voor de tweede fase: van overbrugging én alvast vooruitkijkend naar de derde fase: van herstel, ging de provincie in overleg met haar partners.

Op 8 mei 2020 spraken gedeputeerde cultuur en erfgoed, Peter Drenth en wethouders cultuur (en erfgoed) elkaar. In het gesprek stonden vragen centraal als: Wat is voor ons belangrijk om overeind te houden en wat kunnen we hier samen in betekenen? Hoe geven we een verantwoorde invulling aan hulp en ondersteuning? En wat zijn de contouren van plannen over hoe we, vooral ook in een volgende fase, kunnen werken aan herstel van de cultuur- en erfgoedsector?

De opbrengst van dit gesprek wordt meegenomen bij de invulling van de € 50 miljoen die Gedeputeerde Staten wil inzetten voor de aanpak van de gevolgen van de covid-19 epidemie.

27 mei is in de vergadering van Provinciale Staten het voorstel aangenomen om een financiële ruimte van € 50 miljoen vrij te maken in de overbruggingsfase voor met name: economie, cultuur, recreatie en toerisme en werkgelegenheid. Niet alles kan. Vandaar deze focus.

Begin juni wordt een besluit van Gedeputeerde Staten verwacht over de besteding van die middelen. Nu ligt nog helemaal open welk deel van de € 50 miljoen voor cultuur is en waaraan het wordt besteed.

De rol van het Rijk

De culturele sector maakt gebruik van het eerste steunpakket met de generieke maatregelen van het kabinet en de daaropvolgende verlenging en aanpassing van dit steunpakket (versie 2.0).

Als derde steunpakket wordt € 300 miljoen beschikbaar gesteld voor de culturele en creatieve sector. Die maatregelen zijn bedoeld om de sector door de eerste maanden heen te helpen en om ze in staat te stellen te investeren in het nieuwe culturele seizoen.

Woensdag 27 mei heeft Minister van Engelshoven een brief aan de Tweede Kamer gestuurd met daarin de uitwerking van de aanvullende middelen voor de cultuursector. Het pakket voor de verdeling van de € 300 miljoen extra bestaat uit vijf onderdelen. Een van de onderdelen is de € 48,5 miljoen die wordt beschikbaar gesteld om gemeenten en provincies te ondersteunen die regionale musea, (pop)podia en filmtheaters extra ondersteunen. Het gaat dan om instellingen met een regionale functie en een landelijk belang. (zie voor meer informatie de brief van de minister aan de Tweede Kamer van 27 mei 2020, Uitwerking aanvullende ondersteuning € 300 miljoen culturele en creatieve sector.)

Via drie fondsen wordt het geld beschikbaar gesteld. Het Mondriaan Fonds, Fonds voor de Podiumkunsten en het Filmfonds zijn reeds gestart met de voorbereiding voor deze regelingen. Zodra de regelingen gepubliceerd zijn in de Staatscourant, kunnen culturele instellingen een aanvraag indienen. Vanzelfsprekend dient uit deze aanvragen de extra ondersteuning door gemeenten en/of provincies duidelijk te worden.

Daarnaast is het kabinet in gesprek met medeoverheden over compensatie voor de periode medio maart tot 1 juni, bovenop de € 300 miljoen.

 

Topics

Kennisbank Overheid
Bianca Roelink

Contact

Bianca Roelink

Ik begeleid en adviseer gemeenten, scholen en culturele organisaties bij het invullen van hun cultuurbeleid.

Stel een vraag